Reizen: Koel, klein, heerlijk meer

Het regent als Roberto en ik na de Sint Bernardpas Italië inkronkelen. Hij kijkt me chagrijnig aan. Ik voel het. “Straks klaart het op,” lach ik hem via de binnenspiegel toe. Hij staart naar buiten.

We komen langs brokkelige grijze Noord-Italiaanse bergdorpjes. Saint Pierre. Pont-Saint-Martin. De Franse taal lijkt hier nog heilig. Via Aosta en Ivrea vinden we de weg naar Alessandria. Daarna is het nog een uur rijden naar huis, naar Genua.

De wolken zijn opengebrand door de zon. De natte wegen dampen als lappen donker vlees door de groene velden van het Aosta-dal. Het is warm. Vochtig. Geuren van gemaaid gras, vlierbesbloesem en verse regen maken ons nog gelukkiger. “Kijk, hier links. Dat heb ik al heel vaak zien liggen.” Mijn man wijst op een dal langs de Autostrada waar een meertje zich tussen de groene heuvels lijkt te verschuilen.

Thuis vragen we Roberto’s moeder naar de plek. “Dove. Vicino a Aosta? Dat moet Viverone zijn. Gian, pak de atlas.” Het meertje blijkt een soort waterbron. Diep, donker, zuiver, koud. Roberto en ik kijken elkaar een seconde aan. Dit wordt onze tussenstop, terug naar Nederland.

Drie weken later liggen we op een sleets strandbedje, op een geïmproviseerde strook wit zand, in de koele alpenwind aan het heerlijke water. Een 80-jarige man met wit borsthaar en een gebruinde huid waant zich er de strandwacht. Met zijn schorre stem waarschuwt hij kinderen die te ver het meer inzwemmen. Ze luisteren niet. Hij haalt zijn schouders op. Ik knipoog naar hem. Glimlachend komt hij bij ons zitten. ‘Onze reisgids,” fluistert Roberto tevreden in het Nederlands.

Dit zijn de tips van Giorgio:

Ivrea is de thuisstad van typemachinefabrikant Olivetti. Liefhebbers van architectuur kunnen terecht bij de overblijfselen van het prachtige moderne complex dat de eigenaar liet bouwen in de hoogtijdagen van het merk. Integratie met natuur, veel glas en staal en toch Italiaanse sierlijkheid in één gebouw.

Biella is het stadje ten noorden van het meer. Hier weinig toerisme, veel steegjes met volksrestaurantjes en overal de koele bergwind om je heen. Van dit soort stadjes zijn er vele rond het meertje, zoals Bolacco, meer de bergen in.

Eten is hier vaak lokaal en seizoensgebonden. Rond het meer wordt vanzelfsprekend de eigen zoetwatervis geserveerd: coregone. Deze eet je het liefst in het prachtige restaurant Rolle (dit is een link) in het dorpje Viverone zelf.

Natuur is er overal om de hoek. Door de bijzondere ligging heb je altijd zicht op de majestueuze Alpen, de glooiende heuvels en het meertje zelf. Ten noordwesten van het meer vind je een natuurgebiedje (Osservatorio Faunistico). Het noordelijke deel van het meer wordt omzoomd door bos. Probeer gewoon een laantje uit. Zo hebben wij een kerkje gevonden midden in het bos. We waren de enigen op deze plek.

Wil je meer informatie, tips of hulp? Mail marc@lasprezzatura.nl

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *